Winterwater

Welk gruwelijk geheim verbergt het water?

Paperback:
20,99

Synopsis

Samenvatting

Op steeds dezelfde dag in januari verdwijnt een jong kind in de golven.
Welk gruwelijk geheim verbergt het water?

Martin, zijn vrouw Alexandra en hun twee jonge kinderen zijn net verhuisd naar het oude zomerhuis van de familie, op een afgelegen eiland voor de kust van Zweden. Als Martin daar zijn driejarige zoon Adam een paar minuten uit het oog verliest om de telefoon op te nemen, is het jongetje verdwenen. Hij vindt alleen nog het rode emmertje waarmee Adam speelde, dobberend in de zee.
De politie concludeert dat Adam is verdronken en sluit het onderzoek. Martin belandt in een diepe depressie en zondert zich steeds verder af van zijn gezin, verteerd door schuld. Dan vindt hij op de zolder van het huis een mysterieus logboek waarin melding wordt gemaakt van andere kinderen die in het huis woonden en hun dood vonden in de zee. Allemaal op dezelfde dag in januari, maar met tientallen jaren ertussen. Martins hoop dat Adam nog leeft wordt aangewakkerd en hij gaat op zoek in de kleine, afgezonderde gemeenschap.

Specificaties

ISBN: 9789403106618
NUR: 305
Type: Paperback
Auteur(s): Susanne Jansson
Vertaler: Marika Otte
Prijs: 20,99
Aantal pagina's: 256
Uitgever: Cargo
Verschijningsdatum: 15-10-2020

Specificaties

ISBN: 9789403111612
NUR: 305
Type: E-book
Auteur(s): Susanne Jansson
Vertaler: Marika Otte
Prijs: 9,99
Aantal pagina's: 256
Uitgever: Cargo
Verschijningsdatum: 15-10-2020

Leesfragment

Ver daarboven scheen de zon goedhartig met haar oog en zond een paar lichtstralen omlaag, die zich verdeelden en een eindje onder het wateroppervlak uiteenvielen. Zijn hoofdlamp begon het op te geven; hij had de batterijen natuurlijk moeten opladen. Maar goed, er was toch niet veel meer te doen.
Martin liet zijn blik langs de hangende rijen met kweeklijnen glijden. Ze hingen vol met zeewier en mosselen, als zuilengalerijen in een zeetuin. Na een poosje was hij bij het laatste anker op de bodem. Hij testte de stevigheid door een paar keer aan het touw te trekken. Het leek intact te zijn. Niets wat op schade wees.
Alles zag er goed uit.
Hij draaide zich om, maakte vaart met zijn zwemvliezen en zwom naar het touw dat over de zeebodem liep. Aan de ene kant zat het verankerd in zijn mosselkwekerij en aan de andere kant in de steiger aan land. Hij begon het nu echt koud te krijgen, zijn handen en rug waren allang verkleumd, maar nu begon ook zijn hele romp te bevriezen, werd gevoelloos als een stuk dood vlees.
Rond deze tijd, in januari, gebeurde er niet veel in de zee. Je kon een krabbetje zien wegspringen dat zich in het zand verstopt had of een platvis die roerloos op betere tijden lag te wachten, maar in het algemeen was het zo koud dat het leven onder water voor het grootste gedeelte tot stilstand was gekomen.
De late herfst en de vroege winter waren anders; het was de periode waarin de zomeralgen verdwenen waren maar de echte kou nog niet had ingezet. Wanneer het zicht helder en het leven nog altijd in volle gang was.
Dan, wanneer de regen, het gure weer en de stormen de hemel verduisterden, was het het leukst om in de rust en stilte onder het wateroppervlak te zijn. Dan trok hij er graag puur voor zijn plezier op uit.
Voor hem was dat de beste manier om zich te ontspannen, gewichtloos in de zee te zijn en een wereld te beleven die gereduceerd was tot het oppervlak dat door de zaklamp verlicht werd. De rest verdween. Het was echt niet te vergelijken met tropisch water waar je twintig meter alle kanten op kon kijken – hier ging het juist om de duisternis, de intimiteit en de details.

Gerelateerde artikelen