Sigurdardottir

IJsland door de ogen van Yrsa Sigurdardóttir

Dit artikel is afkomstig uit Scandi, het magazine ter ere van de Maand van het Scandinavische Boek dat gratis online en in de boekhandel verkrijgbaar is.

*

Þjóðhátíð, het festival dat buiten IJsland niemand kent

Door: Yrsa Sigurdardóttir

Tot voor kort waren de enige mensen die IJsland interessant vonden als vakantiebestemming zalmvissers, bevlogen geologen en paardenliefhebbers. Maar in iets minder dan tien jaar tijd is dat volledig veranderd. Het wordt daarom ook steeds moeilijker om interessante plaatsen van IJsland te beschrijven die niet al uitgebreid op toeristenwebsites te zien zijn. Vrijwel iedereen kent de foto’s van de actieve geisers van IJsland, de enorme watervallen waar je achterlangs kunt lopen, de ‘Blue Lagoon’ met water van bijna 39 graden Celsius, het zwarte strand van Reynisfjara en natuurlijk de nieuwste actieve vulkaan ‘Eldgosið í Geldingadölum í Fagradalsfjalli’ – wat waarschijnlijk de minst sexy naam is ooit bedacht voor een vulkaan.

Favoriete festival
Maar ik wil jullie graag kennis laten maken met een geweldige attractie die nog maar door weinig toeristen ontdekt is. Een van mijn persoonlijke favorieten en een geweldige belevenis, dit festival dat slechts weinig toeristen kennen, hoewel het een van de oudste en populairste IJslandse festivals is, naast gay pride. Het evenement is een drie dagen durend familiemuziekfestival, dat volledig buiten plaatsvindt aan het begin van augustus. Het wordt gehouden binnen in Herjólfsdalur, een oude vulkanische krater op Vestmannaeyjar, de Westmanneilanden, aan de zuidkust van IJsland. Het festival heet ‘Þjóðhátíð’, wat eigenlijk gewoon het ‘Nationale Festival’ betekent. Het eerste Nationale Festival werd gehouden in 1874 toen de inwoners van de Westman-eilanden niet in staat waren om naar het vasteland te reizen voor de feestelijkheden rond het 1000-jarig bestaan van de eerste IJslandse nederzetting. Inmiddels is het Nationale Festival uitgegroeid tot de beste plek voor muziek en gezelligheid.

Roerige geschiedenis
Het lijkt me aardig om jullie eerst wat te vertellen over de roerige geschiedenis van de Westmaneilanden zelf. Deze eilanden zijn ooit gevormd door de overblijfselen van vulkanische uitbarstingen en vormen een archipel van eilanden en uit zee oprijzende rotsen ten zuiden van de IJslandse kust. Slechts één eiland is bewoond, Heimaey, en dat is de meest winderige plek op IJsland. Op een paar andere eilanden staan jachthutten en sommige worden gebruikt om schapen te laten grazen. (Als een schaap van een van de hoge kliffen valt, zal het uit elkaar ploffen als ze het water raakt – maar dit wilde je waarschijnlijk helemaal niet weten.) De jachthutten werden gebruikt voor de jacht op papegaaiduikers, wat tegenwoordig verboden is. En helaas, in tegenstelling tot wat er online beweerd wordt, de IJslandse zangeres Björk woont niet in een van deze hutten.

De Turkse overval
In de vroege geschiedenis van de eilanden werden de bewoners overvallen door piraten, in wat later de ‘Turkse overval’ genoemd zou worden. In 1602 veroverden piraten het eiland, stalen het vee, doodden iedereen die in de weg liep en ontvoerden een deel van de inwoners om ze als slaven te verkopen. Tot op heden is niet duidelijk waarom deze overval Turks werd genoemd, aangezien de piraten uit Algiers en van de Barbarijse kust kwamen (en inderdaad, daar is toen de naam ‘barbaren’ uit ontstaan). De plaats waar de piraten voor het eerst aan land kwamen, draagt nog altijd de naam Ræningatangi, de roversbaai. Maar de eilandbewoners hebben zelf ook een vrij gewelddadig verleden en dragen met trots de erfenis van hun Viking-voorouders. Hoewel de Vikingen veel meer deden dan stammen overvallen, vrouwen verkrachten en vee buitmaken, gebeurde dat wel regelmatig. Blijkbaar is het vervelender om slachtoffer te zijn van een overval dan daar zelf de leiding over te hebben.

Uitbarsting
De enige keer dat de Westmaneilanden wereldnieuws waren, was in 1974, toen op een stuk landbouwgrond vlak bij de stad Heimaey plotseling een twee kilometer lange vulkanische breuklijn ontstond. Het eiland moest worden geëvacueerd. Gelukkig lag de vissersvloot op dat moment in de haven, waardoor alle 5000 inwoners op tijd het vasteland konden bereiken. De uitbarsting duurde uiteindelijk bijna een halfjaar, waarbij een groot deel van de stad werd bedolven onder lava en de rest van het eiland 800.000 ton as kreeg te verwerken, waardoor het eiland sindsdien ook wel het ‘Pompeï van het Noorden’ wordt genoemd. Na een enorme schoonmaakactie kon een deel van de inwoners weer terug naar het eiland verhuizen. De stad heeft nog jarenlang geprofiteerd van de hitte van het lavaveld doordat een ingenieus systeem hier warmte uit won.

Huis opgegraven
In Heimaey is een museum te vinden dat volledig gewijd is aan de uitbarsting van 1973. Het is gebouwd rond een huis dat recent werd opgegraven uit de as aan de voet van de vulkaan. In een van mijn thrillers rond Thóra Gudmundsdóttir gebruik ik dit gegeven. Een huis wordt opgegraven uit de as en er worden lichamen gevonden in de kelder. Ik herinner me nog dat ik het eerste hoofdstuk schreef, dat eindigt met de ontdekking van de drie lichamen en de suggestie dat er iets nog veel ergers gevonden gaat worden, maar ik had geen idee wat dat moest zijn. Ik vroeg daarom aan mijn man wat er erger kon zijn dan drie dode lichamen. Hij dacht even na en antwoordde: ‘Vier dode lichamen.’ Ik heb hem sindsdien niet meer om advies gevraagd. De uitbarsting heeft de eilanders er echter nooit van weerhouden om hun festival te vieren. De enige jaren waarin het festival niet doorging, waren 1914 en 1915, tijdens de Eerste Wereldoorlog. En helaas was er ook geen festival in 2020 en 2021, toen de covid-beperkingen werden opgelegd. Het festivalterrein in de oude krater van Herjólfsdalur bestaat uit een hoofdpodium voor de muziekoptredens, die een belangrijk deel van het festival vormen, en een kleiner podium voor het kinderprogramma. Het opvallendste element van het festival wordt gevormd door lange ‘straten’ witte tenten, die worden opgezet door de eilandbewoners. De tenten zijn ingericht met persoonlijke meubels en accessoires en worden door de festivalgangers gebruikt om even bij te komen en gasten te ontmoeten. Het zijn de huiskamers van het festival. Naast de line-up van IJslandse bands die in hun moedertaal zingen en niet per se zullen doorbreken op een internationaal podium, is er elke dag tegen middernacht nog een ander groots evenement. Op de eerste dag, de vrijdag, wordt er een enorm vuur gemaakt boven op een stapel rotsen in de krater. Het is een prachtig gezicht, waarbij vooral de rij mannen opvalt die voortdurend met emmers olie op het vuur gooien. Ze moeten daarbij de emmers steeds afkoelen met water, anders vliegen ze in brand wanneer ze opnieuw gevuld worden. Het geeft een onheilspellend ‘Tsjernobyl-achtig’ gevoel om die mannen het vuur steeds verder te zien opjagen.

Vuurwerk en vuurtoortsen
Op zaterdagavond wordt er vuurwerk afgestoken, waarbij de kleurrijke vuurregens prachtig reflecteren op de kraterwanden. De laatste nacht is altijd het drukst bezocht en de reden daarvoor is de ‘singalong’. Het publiek zit op de aflopende kraterhelling rond het podium en zingt mee met alle bekende IJslandse liedjes, vaak de traditionele gezangen. Daarna worden de vuurtoortsen langs de wanden een voor een aangestoken, één toorts voor elk jaar dat het festival plaatsvond. En aangezien het eerste festival al in 1874 werd gevierd, is de hoeveelheid toortsen indrukwekkend.

De locatie
Ik weet dat ik het festival nooit recht kan doen en overdrijf ik niet als ik zeg dat het een prachtig geheel is. Je zult je afvragen waarom het dan niet wordt overspoeld door Instagramtoeristen, en de reden daarvoor is de locatie. Er zijn maar een paar manieren om naar het eiland te komen, met de boot of het vliegtuig. Door de grote populariteit van het festival zijn de vaarten en vluchten heel snel volgeboekt. Je zult het dus lang van tevoren moeten plannen, heel lang. Het goede nieuws is dat een bezoek aan Vestmannaeyjar altijd een goed idee is. Alleen al de aanblik van de kleine eilandengroep in de oceaan is de moeite waard. Net als een boottocht door de zeegrotten, een wandeling naar de nieuwe vulkaan Eldfell (Vuurberg), de ruïnes van huizen uit de gestolde lavastromen, de beluga-walvissen en de papegaaiduikers. Ga er vooral niet naartoe om papegaaiduikers te eten. Je bent daarvoor zeker tien jaar te laat, maar geloof me, je hebt er niet veel aan gemist.


Yrsa Sigurdardóttir (1963) is een veelvoudig bekroonde IJslandse bestsellerauteur. Sinds haar debuut in 2005 schreef ze meer dan tien thrillers, die in ruim dertig landen in vertaling zijn verschenen. Recent verscheen Stilte, het laatste deel van de spannende Freyja & Huldar-serie. Sigurdardóttir woont met haar man en twee kinderen in Reykjavik.

Scandi

Gerelateerde artikelen